Welk vermogen heeft je warmtepomp nodig?
Voor een eerste inschatting kun je bij een warmtepomp rekenen met ongeveer 30 tot 100 watt per m2. Een goed geïsoleerde woning zit vaak aan de lage kant, een oudere of slecht geïsoleerde woning juist aan de hoge kant. Bij 120 m2 kan dat dus grofweg ergens tussen 3,6 en 12 kW uitkomen.

Hoeveel kW warmtepomp je per m2 ongeveer nodig hebt
De rekensom lijkt simpel: oppervlakte keer een aantal watt per vierkante meter. Toch is vooral dat tweede getal belangrijk. Dat hangt namelijk af van hoe snel je huis warmte verliest.
Als grove oriëntatie kun je deze bandbreedtes gebruiken:
| Isolatieniveau | Richtlijn per m2 | Voorbeeld bij 120 m2 |
|---|---|---|
| Goed geïsoleerd | 30 tot 50 watt | 3,6 tot 6 kW |
| Matig geïsoleerd | 50 tot 70 watt | 6 tot 8,4 kW |
| Slecht geïsoleerd | 70 tot 100 watt of meer | 8,4 tot 12 kW of meer |
Waarom alleen naar m2 kijken niet genoeg is
Vierkante meters geven houvast, maar ze vertellen niet hoeveel warmte een woning verliest. Twee huizen van 130 m2 kunnen daarom een heel ander vermogen vragen.
Isolatie maakt groot verschil
Isolatie bepaalt hoe snel warmte naar buiten verdwijnt. Een woning met goede dakisolatie en HR++ glas vraagt veel minder vermogen dan een vergelijkbare woning met oud dubbel glas en een ongeïsoleerde vloer.
Dat verschil kan meerdere kilowatts schelen. Daarom is het energielabel soms nuttig als eerste aanwijzing, maar niet precies genoeg om het vermogen definitief op te baseren.
Woningtype heeft invloed op het warmteverlies
Een tussenwoning verliest meestal minder warmte dan een vrijstaande woning, omdat er minder buitenmuren zijn. Een appartement op een middenverdieping kan nog gunstiger zijn, doordat boven, onder en naast de woning verwarmde ruimtes liggen.
- Tussenwoning: relatief weinig verlies via buitengevels.
- Hoekwoning of twee-onder-een-kap: meer buitenoppervlak en daardoor vaak meer warmtevraag.
- Vrijstaande woning: rondom buitenlucht, meestal het hoogste verlies bij gelijke isolatie.
- Appartement: sterk afhankelijk van ligging, verdieping en ventilatie.
Ook het afgiftesysteem telt mee
Een warmtepomp werkt het zuinigst met een lage aanvoertemperatuur. Vloerverwarming, lage temperatuur radiatoren en ventilatorconvectoren kunnen daar goed bij passen.
Zijn de radiatoren te klein of ontworpen voor hoge cv-temperaturen, dan kan een kamer te langzaam warm worden. Het probleem zit dan niet altijd in het aantal kW van de warmtepomp, maar in de warmteafgifte in huis.
Welke vuistregel vaak wordt gebruikt
De meest gebruikte vuistregel rekent met watt per m2. Handig voor een eerste richting, niet voor de definitieve keuze. Zeker bij bestaande bouw moet je de uitkomst altijd naast isolatie, inhoud en afgiftesysteem leggen.
Richtlijn voor nieuwere woningen
Voor nieuwere of grondig geïsoleerde woningen wordt vaak 30 tot 50 watt per m2 aangehouden. Dat past bij woningen met goede isolatie, weinig kieren en meestal lage temperatuurverwarming.
| Oppervlakte | Geschat vermogen |
|---|---|
| 100 m2 | 3 tot 5 kW |
| 140 m2 | 4,2 tot 7 kW |
| 180 m2 | 5,4 tot 9 kW |
Richtlijn voor gemiddeld geïsoleerde huizen
Bij gemiddeld geïsoleerde woningen ligt de richtlijn vaak tussen 50 en 70 watt per m2. Dit komt veel voor bij huizen die deels zijn verbeterd, maar nog niet overal goed geïsoleerd zijn.
- 100 m2: ongeveer 5 tot 7 kW
- 140 m2: ongeveer 7 tot 9,8 kW
- 180 m2: ongeveer 9 tot 12,6 kW
Zie deze uitkomst vooral als bandbreedte. Een woning met veel glas, een uitbouw of hoge plafonds kan hoger uitkomen.
Richtlijn voor oudere en minder zuinige woningen
Voor oudere en minder zuinige woningen wordt vaak 70 tot 100 watt per m2 gebruikt. Bij slecht glas, weinig isolatie of veel buitenmuren kan de warmtevraag nog hoger zijn.
- 100 m2: ongeveer 7 tot 10 kW
- 140 m2: ongeveer 9,8 tot 14 kW
- 180 m2: ongeveer 12,6 tot 18 kW
Bij zulke vermogens is het slim om eerst te kijken welke isolatiemaatregelen het meeste effect hebben. Minder warmteverlies betekent vaak een kleinere installatie, minder stroomverbruik en meer comfort.
Hoe je het vermogen voor jouw woning beter inschat
Wie dichter bij de werkelijkheid wil komen, kijkt niet alleen naar oppervlakte. Inhoud, indeling, gebruik en warmteverlies per ruimte geven een veel beter beeld.
Oppervlakte en inhoud samen bekijken
Een woning van 120 m2 met standaard plafonds vraagt minder verwarmde lucht dan een woning van 120 m2 met hoge plafonds, een vide of een grote open woonkamer. Daarom wordt bij een betere inschatting ook naar kubieke meters gekeken.
Vooral bij oudere herenhuizen, verbouwde boerderijen en moderne woningen met veel hoogte kan inhoud een flinke rol spelen. De m2-rekensom blijft dan te vlak.
Warmtevraag per ruimte meenemen
Niet elke kamer hoeft even warm te worden. Een badkamer vraagt vaak meer warmte dan een slaapkamer. Een woonkamer met een grote schuifpui verliest meer warmte dan een kleine werkkamer midden in de woning.
Door per ruimte te kijken, zie je waar de knelpunten zitten. Soms is niet de warmtepomp te klein, maar geeft één radiator te weinig warmte af of tocht er veel kou langs een raam.
- Controleer welke ruimtes vaak te koud blijven.
- Let op grote glaspartijen en buitenmuren.
- Kijk of radiatoren of vloerverwarming genoeg capaciteit hebben.
Warmteverlies laten berekenen voor meer zekerheid
Een warmteverliesberekening is de veiligste manier om het vermogen te bepalen. Daarbij wordt berekend hoeveel warmte je woning verliest bij lage buitentemperaturen.
Een installateur of adviseur kijkt dan onder meer naar:
- isolatie van dak, vloer, gevel en glas;
- ventilatie en kieren;
- woningtype, ligging en inhoud;
- gewenste temperatuur per ruimte;
- het bestaande afgiftesysteem.
Vooral bij een all electric warmtepomp is zo’n berekening belangrijk. De warmtepomp moet dan ook op koude dagen voldoende vermogen leveren.
Wat vloerverwarming en radiatoren veranderen
Het benodigde vermogen zegt niet alles. De warmte moet ook goed de kamers in komen. Daarom maakt het veel uit of je vloerverwarming, lage temperatuur radiatoren of oude radiatoren hebt.
Vloerverwarming werkt gunstiger voor een warmtepomp
Vloerverwarming verdeelt warmte over een groot oppervlak. Daardoor kan het water in het systeem relatief koel blijven, vaak rond 30 tot 40 graden. Dat is gunstig voor het rendement van een warmtepomp.
De woning warmt meestal geleidelijker op dan met hete radiatoren, maar de temperatuur blijft vaak stabieler. In goed geïsoleerde huizen is dit meestal een sterke combinatie.
Lage temperatuur radiatoren kunnen ook passen
Vloerverwarming is niet altijd nodig. Lage temperatuur radiatoren kunnen ook voldoende warmte afgeven, zolang ze groot genoeg zijn voor de ruimte.
Bij renovaties is dat praktisch: je hoeft niet altijd de hele vloer aan te passen. Soms is het genoeg om in de woonkamer, keuken of badkamer een radiator te vervangen door een groter model of een ventilatorconvector.
Oude radiatoren vragen extra aandacht
Oude radiatoren zijn vaak gekozen voor cv-water van 70 tot 80 graden. Een warmtepomp werkt meestal met veel lagere temperaturen. Daardoor kan een radiator die vroeger prima werkte ineens te weinig warmte afgeven.
Let daarom vooraf op:
- het formaat van de radiatoren;
- de gewenste kamertemperatuur;
- het warmteverlies via ramen en buitenmuren;
- de aanvoertemperatuur die nodig is om de ruimte warm te krijgen.
Als de afgifte niet klopt, helpt een zwaardere warmtepomp niet altijd. Dan wordt het systeem vooral duurder en minder efficiënt.
Hoe het vermogen verschilt bij hybride en all electric
Het benodigde aantal kW hangt ook af van het soort warmtepomp. Een hybride systeem hoeft niet hetzelfde te kunnen als een volledig elektrische installatie.
Hybride warmtepomp dekt maar een deel van de warmtevraag
Een hybride warmtepomp werkt samen met de cv-ketel. De warmtepomp doet vooral het werk op mildere dagen. Bij strenge kou of veel warmwatergebruik springt de ketel bij.
Daardoor hoeft een hybride warmtepomp niet de volledige piekbelasting van de woning te dragen. In veel huizen zie je daarom vermogens van bijvoorbeeld 4 tot 6 kW, terwijl een all electric oplossing voor dezelfde woning hoger kan uitkomen.
All electric warmtepomp moet het hele huis kunnen dragen
Een all electric warmtepomp moet de woning zelfstandig verwarmen. Vaak zorgt dezelfde installatie ook voor warm tapwater via een boilervat. De dimensionering luistert dan nauwer.
- De piekwarmtevraag moet bekend zijn.
- Isolatie en kierdichting moeten voldoende zijn.
- Radiatoren of vloerverwarming moeten bij lage temperatuur genoeg warmte afgeven.
- Het boilervat moet passen bij het warmwatergebruik.
Een te grove m2-schatting is hier riskant. Een goede berekening voorkomt dat het systeem tekortschiet of juist onnodig groot wordt gekozen.
Conclusie
Als snelle richtlijn kun je rekenen met 30 tot 50 watt per m2 bij goede isolatie, 50 tot 70 watt per m2 bij gemiddelde isolatie en 70 tot 100 watt per m2 of meer bij slechte isolatie. Voor een definitieve keuze is dat niet genoeg. Neem ook woningtype, inhoud, afgiftesysteem, hybride of all electric gebruik en je eigen stookgedrag mee. Bij twijfel geeft een warmteverliesberekening de meeste zekerheid.